Geschiedenis 1931-2007 » De laatste oorlogsmaanden en de eerste jaren na de oorlog 1945 - 1948
Inkwartiering
De vrouwen en kinderen die in opvangkampen in Duitsland waren ondergebracht, zagen zich in februari/maart 1945 genoodzaakt naar Nederland terug te keren. De kampen moesten vrij komen voor de Duitse vluchtelingen die uit de oostelijke grensstreek naar het westen vluchtten. De Nederlandse vrouwen en kinderen werden met treinen naar Groningen en Drenthe gebracht, waar vreemde families door de NSB gedwongen werden hen op te nemen. Deze verplichte inkwartiering leidde vaak tot spanningen, daar de ontvangende familie en de buurt meestal allesbehalve blij waren met de vluchtelingen. Er was gebrek aan privacy, kinderen konden zich niet veilig voelen. Gelukkig waren er ook goede relaties. De meeste gezinnen konden niet naar hun oorspronkelijke woonplaats terugkeren. Dit gold met name voor hen die uit de westelijke provincies afkomstig waren, omdat er geen treinen reden en de voedselsituatie nijpend was.
Uiteindelijk werden ook de noordelijke provincies in april 1945 bevrijd. Vrouwen die met NSB-ers of andere collaborateurs getrouwd waren - ongeacht of ze zelf lid waren of niet - werd gesommeerd zich te verzamelen en onder begeleiding naar provisorisch ingerichte interneringskampen te gaan. De problemen die zich in het zuiden hadden voorgedaan werden nu ook hier manifest, zeker wat de opvang van de kinderen betreft.
Uiteindelijk werden ook de noordelijke provincies in april 1945 bevrijd. Vrouwen die met NSB-ers of andere collaborateurs getrouwd waren - ongeacht of ze zelf lid waren of niet - werd gesommeerd zich te verzamelen en onder begeleiding naar provisorisch ingerichte interneringskampen te gaan. De problemen die zich in het zuiden hadden voorgedaan werden nu ook hier manifest, zeker wat de opvang van de kinderen betreft.

