Gezinshereniging
Na een jaar of drie, vier kwamen de meeste collaborateurs vrij. Sommigen echter verbleven langer ( tien jaar of meer) in de interneringskampen. Zij behoorden tot de kaderleden of zij hadden gediend bij de SS. De tijd in het kamp werd door de meesten als frustrerend ervaren. Een aantal voelde zich vernederd en koesterde wrok ten opzichte van de Nederlandse samenleving. Anderen waren gebroken en gedemoraliseerd, sommigen hadden spijt van hun politieke keuze. Zij waren in veel opzichten nog zo met hun eigen ervaringen bezig dat zij weinig oog hadden voor wat hun partner en kinderen hadden meegemaakt. Het was voor velen moeilijk om de ouderrol weer op zich te nemen. Huwelijken hadden geleden onder de lange scheiding, ouders en kinderen en ook de kinderen onderling waren van elkaar vervreemd. Daardoor was het moeilijk om een nieuwe start met elkaar te maken. De gezinsleden hadden vaak heel verschillende gebeurtenissen meegemaakt, maar zelfs als zij als gezin steeds bij elkaar gebleven waren, zoals Yvonne meldt, reageerden zij daarop op verschillende wijze, afhankelijk van leeftijd en karakter. De gezinshereniging verliep stroef en de opgekropte gevoelens ontlaadden zich in ruzies of agressie. Weer anderen reageerden met vluchtgedrag.